|
Artikel 1
Binnen de perken van het krediet, jaarlijks daartoe goedgekeurd op
de begroting van de Stad Lokeren, kunnen subsidies toegekend worden
aan verenigingen welke aangesloten zijn bij de Culturele Raad.
Artikel 2
De beschikbare subsidies zullen toegekend worden onder de vorm van
basissubsidies en projectsubsidies.
De verdeelsleutels van de beschikbare subsidies zullen jaarlijks
door de beheerraad van de Culturele Raad herzien worden.
Artikel 3
Basissubsidies worden toegekend aan verenigingen die minstens 1 jaar
aangesloten zijn bij de Culturele Raad en die een actieve werking
aantonen via het jaarverslag/subsidieaanvraag.
De aangesloten verenigingen dienen hun secretariaat in Lokeren te
hebben en activiteiten te ontplooien op het grondgebied van Lokeren.
Artikel 4
Een vereniging wordt als actief beschouwd wanneer zij in het
voorbije kalenderjaar minstens zes verschillende activiteiten in
eigen beheer organiseerde, waarvan er minstens 2 voor niet-leden
toegankelijk waren.
Hieronder verstaan we activiteiten die één of meer van de volgende
functies kunnen vervullen:
·
Ontmoetingsfunctie:
het samenbrengen van mensen met het oog op sociaal contact,
integratie, ontspanning en recreatie, zoals repetities,
themamomenten, tentoonstellingen, stoeten, verzamelen en ruilen,
voorstellingen, optredens,...
·
Sociale actiefunctie:
het bieden van mogelijkheden waarbij mensen kunnen bijdragen tot het
beter functioneren van de leefomgeving (wijk, regio,...)
·
Educatieve functie:
het creëren van mogelijkheden tot het verruimen van kennis,
inzichten en vaardigheden, via cursussen, lessenreeksen,
themamomenten, tentoonstellingen, wandelingen, toeristische
evenementen, ambachtelijke en folkloristische initiatieven,...
·
Culturele functie:
het aanbieden van mogelijkheden tot creëren, uitvoeren en consumeren
van (multi)culturele activiteiten.
Artikel 5
1.
Verenigingen die aanspraak willen maken op
de basissubsidie dienen jaarlijks, op uiterlijk 31 januari, bij de
Culturele Raad een jaarverslag in waaruit blijkt dat ze voor het
voorbije kalenderjaar aan de gestelde voorwaarden voldoen. Dit
jaarverslag wordt aangemaakt op het formulier dat hen in de loop van
de maand december toegestuurd wordt door de Culturele Raad. Het niet
tijdig indienen van het jaarverslag houdt in dat de betreffende
vereniging geen aanspraak kan maken op de basissubsidie van het
desbetreffende jaar.
2.
Om geldig te zijn wordt het jaarverslag -
voor de 2 vereiste activiteiten toegankelijk voor niet-leden -
aangevuld met een extern bewijs of kopie daarvan.
Artikel 6
Verenigingen die eveneens subsidie(s) ontvangen van de Stad Lokeren
of andere adviesraden (sportraad, jeugdraad, Stedelijke Raad voor
Feestelijkheden, VVV Toerisme) evenals fanfares, harmonieën,
muziekkorpsen of aanverwanten die jaarlijks van de Stad Lokeren een
vaste vergoeding (en/of vergoeding per verplichte uitstap) krijgen,
kunnen geen aanspraak maken op de basissubsidie van de Culturele
Raad vermits dubbele subsidiëring niet toegestaan is.
Artikel 7
1.
Om in aanmerking te komen voor de
basissubsidie dient de vereniging haar interesse betuigd te hebben
voor de werking van de Culturele Raad waarvan zij de subsidie
ontvangt door haar aanwezigheid op de Algemene Vergaderingen van de
Culturele Raad. Elke vereniging beschikt over 2 afgevaardigden (1
effectief + 1 plaatsvervanger) die uitgenodigd worden voor de
Algemene Vergadering. Indien zowel de effectieve afgevaardigde als
de plaatsvervangend afgevaardigde in de onmogelijkheid verkeren de
Algemene Vergadering bij te wonen mag de vereniging één van de leden
afvaardigen.
Met de aanwezigheid op de Algemene Vergaderingen zal rekening
gehouden worden bij het toekennen van de basissubsidie.
2.
Het beschikbaar bedrag aan basissubsidies
wordt verdeeld onder de verenigingen die aan de voorwaarden van
artikels 3, 4 en 5 voldoen, met uitzondering van die verenigingen
die in artikel 6 vermeld zijn.
3.
Rekening houdend met artikel 7§1 zal de
basissubsidie als volgt berekend worden:
·
3 x
aanwezig
= basisbedrag x 2
·
2 x aanwezig + 1x
verontschuldigd = basisbedrag x 2
·
2 x aanwezig + 1x
afwezig = basisbedrag x 1,8
·
1 x aanwezig + 2x
verontschuldigd = basisbedrag x 1,8
·
1 x aanwezig + 1x
verontschuldigd + 1x afwezig = basisbedrag x 1,5
·
1 x aanwezig + 2x
afwezig = basisbedrag x 1,5
·
0 x aanwezig + 3x
verontschuldigd = basisbedrag x 1
·
0 x aanwezig + 2x
verontschuldigd + 1x afwezig = basisbedrag x 1
·
0 x aanwezig + 1x
verontschuldigd + 2x afwezig = basisbedrag x 0
·
0 x aanwezig + 0x
verontschuldigd + 3x afwezig = basisbedrag x 0
Artikel
8
1.
Projectsubsidies worden toegekend aan de
bij de Culturele Raad aangesloten verenigingen die bijzondere
initiatieven uitwerken zoals bedoeld in artikel 8 en art. 9.
2.
Om voor projectsubsidie in aanmerking te
komen, dient de vereniging minstens 1 jaar aangesloten te zijn bij
de Culturele Raad en haar interesse voor de werking van de Culturele
Raad betuigd te hebben door haar aanwezigheid op minstens de helft
van de algemene vergaderingen van de Culturele Raad.
3.
Bij de aanvraag voor projectsubsidie dient
het bewijs voorgelegd te worden van de effectieve werking /
activiteiten zoals omschreven in artikel 5, § 2.
Artikel 9
Initiatieven die in aanmerking komen voor projectsubsidie voldoen
aan minstens één van de volgende criteria:
·
Een uitstraling bezitten
die de grenzen van de stad overstijgt.
·
Door de aard, het thema,
de vorm of de doelgroep, een vernieuwing of een aanvulling brengen
in het bestaande culturele leven van de stad.
·
De cultuurspreiding,
cultuurcreatie of het educatief aanbod voor een specifieke doelgroep
essentieel bevorderen.
·
Opgevat zijn als een
bijzonder initiatief van een vereniging dat duidelijk buiten de
normale werking van de vereniging valt.
·
Een daadwerkelijke
samenwerking onder culturele verenigingen bevorderen, los van elke
ideologie of specialisatie.
Initiatieven die
beperkt zijn tot de eigen leden van een vereniging of die opgezet
zijn met in hoofdzaak winstgevende bedoelingen komen niet in
aanmerking voor een projectsubsidie.
Artikel 10
Om in aanmerking te komen moeten de projecten aan de volgende
voorwaarden voldoen:
·
Een door de Culturele Raad
te controleren boekhouding voeren rond dit project.
·
In alle publicaties met
betrekking tot dit project, zoals circulaires, publiciteit,
uitnodigingen, affiches, persberichten, enz. dient de vermelding:
“Met medewerking van de Stedelijke Culturele Raad Lokeren”
aangebracht te worden.
Artikel 11
Projectsubsidies moeten minstens 3 maanden voorafgaande aan de
uitvoering van het project, schriftelijk en ondertekend op het
secretariaat van de Culturele Raad ingediend te worden.
Mits gegronde, bijzondere redenen kan de Culturele Raad
uitzonderlijk een afwijking op deze termijn van 3 maanden toestaan.
Bij de aanvraag voegt men:
·
Een duidelijke en
nauwkeurige omschrijving van het initiatief inzake inhoud,
doelgroep, plaats, tijdstip.
·
Een vermelding van de
eventueel medeorganiserende vereniging(en).
·
Een begroting van
inkomsten en uitgaven (met inbegrip van andere subsidiekanalen,
sponsoring, ....) aangevuld met de nodige toelichtingen.
·
Naam, adres,
telefoonnummer, emailadres van de contactpersoon en/of aanvrager.
·
Rekeningnummer van de
vereniging.
·
Statuten van de
initiatiefnemende vereniging indien het om een rechtspersoon gaat.
Artikel 12
De Culturele Raad engageert zich ertoe, zo spoedig als mogelijk een
principiële en gemotiveerde beslissing te nemen met betrekking tot
het al dan niet subsidiëren van het project.
Artikel 13
Het bedrag van de subsidie wordt bepaald in functie van het
cultureel belang van de activiteit en in functie van de begroting
van het project.
De subsidiëring gebeurt op basis van een financieel tekort en kan
nooit hoger zijn dan het verliessaldo tussen inkomsten en uitgaven.
De Culturele Raad behoudt zich het recht voor om in plaats van
uitbetaling van gelden, een deel van de gemaakte onkosten zoals
drukwerken, portokosten, e.d., op zich te nemen.
Artikel 14
1.
Met het oog op de uitbetaling van het
voorziene subsidiebedrag, bezorgt de organisator binnen de 2 maanden
na het plaatsvinden van het initiatief, de rekening van inkomsten en
uitgaven samen met de financiële bewijsstukken en een verslag van
het project op het secretariaat van de Culturele Raad.
2.
Bij fraude zullen de verstrekte subsidies
teruggevorderd worden. De aanvrager zal hierbij hoofdelijk
verantwoordelijk gesteld worden.
Artikel 15
Eenzelfde project kan maximaal twee achtereenvolgende malen
gesubsidieerd worden.
Artikel 16
Wanneer het bedrag voor projecten in het boekjaar niet opgebruikt
wordt, kan dit bedrag overgeheveld worden naar het volgend
boekjaar, |